Over de wetten
Fiat justitia et pereat mundus. *

 

"Niet op de bodem spuwen", stond er op plakkaten, die vroeger in openbare gebouwen en winkels aangebracht waren.

Deze plakkaten ziet men nog zelden.

Moeten wij er van uitgaan, dat het nu geoorloofd is, wel op de bodem te spuwen?

Dit plakkaat wekt spontaan associaties met uitingen over sommige moderne wetten zoals:

"Wij hebben de strengste levensmiddelenwet"

"Ons verkeersreglement is het beste".

Waarschijnlijk hebben deze hetzelfde effect als de "spuwplakkaten"; sommige houden er zich aan... maar als ze zouden durven en niemand het ziet, ja dan...

Daaraan kan men herkennen, dat een norm als "zoiets doet men niet" veel effectiever is dan de regel, die in het wetboek staat.
Maatschappelijk veracht worden (eigenlijke betekenis van "zoiets doet men niet") is zo gezien de daar op volgende straf.

Diegene, die wetten, verordeningen of voorschriften ontwerpen, zouden beter maatschappelijke voorlichting kunnen geven, dan onmogelijke gedragsregels te formuleren, die door snuggere rechtskundige burgers ontdoken worden.
Het is na´ef te denken, dat de knapste rechtsgeleerde een wet kan ontwerpen, die zo waterdicht is, dat de burger de weg tussen de mazen van de wet niet zal vinden.

Dit brengt ons hoogstens naar nog "onontduikbaardere" voorschriften, die nog slechts door rechtsgeleerden kunnen worden begrepen.

Uiteindelijk komt het zover, dat diegene, die het beste de mazen van de wetten, verordeningen en voorschriften kunnen omzeilen, de hoogste maatschappelijk status verwerven. Blijkbaar is dit het tegendeel van de intentie (of misschien toch niet) die er in de totstandkoming van de wet besloten lag.

"Vrolijke athe´sten" houden zich aan (zinvolle) wetten, niet omdat het tegendeel strafbaar is, maar omdat ze zich ervan bewust zijn, dat een goed functionerende samenleving bepaalde afspraken nodig heeft. Afspraken die het "samenleven" vrolijker en veiliger maken.

Ě        Het recht moet zijn loop hebben, al vergaat de wereld erbij.

terug naar

 

Inhoud