Over het beroepsleven
Niet opwinden! zoekt, en gij zult vinden!

 

Een mens gaat elke dag met tegenzin naar zijn werk in de meubelmakerij.
's Avonds ziet men hem dan in zijn hofje. Met louter vreugde aan het plezier zie je hem dan, graven en planten, gieten en wieden, maaien en trimmen, koestert en verzorgt hij urenlang zijn bloemen.

Een mens gaat elke dag met tegenzin naar zijn werk in de bloemkwekerij.
's Avonds ziet men hem dan in zijn hobbykelder. Met louter vreugde aan het plezier zie je hem dan, schaven en zagen, boren en schroeven, plakken en hameren, koestert en verzorgt hij urenlang zijn zelfgebouwde meubels.

En zo benijden zij elkaar om het mooie beroep, dat die ander elke dag van 's morgens tot 's avonds uitoefenent, en waarvoor hij ook nog geld ontvangt.

Op het idee, van baan te veranderen, zijn die twee nooit gekomen.

Uitvluchten, alles maar zo te laten zoals het is, zijn er genoeg.
"Op mijn leeftijd nog iets nieuws beginnen, kom nou". "Zo ‘n zekere arbeidsplaats moet ik eerst nog maar vinden". "Als ik alleen maar voor mezelf verantwoordelijk was, ja dan".

Zo wordt aldoor gefoeterd en gemopperd, totdat de maagzweer tot uitbarsting komt, totdat het hartinfarct tenslotte toeslaat, of de man met de zeis het licht uitknipt.

De "vrolijke atheďst" wil niet in zijn lot berusten, maar zoekt en vorst zelf net zolang totdat hij "de ware" job gevonden heeft.
Wie van zijn werk zijn hobby maakt, ontspant zich de hele dag!
Dit heeft ook nog het effect, dat hij, die zijn werk met graagte doet, meestal de betere op zijn vakgebied is en daardoor weinig kans loopt op ontslag, bevoogding en andere vervelende maatregelen.

terug naar

 

Inhoud